Geeuw

○ Serie portretten, 2013 – heden
○ Publicatie Volkskrant Magazine

Toen Sistermans haar partner een keer fotografeerde tijdens het gapen, zag ze voor het eerst hoe onverhuld en kwetsbaar die onbedwingbare opwelling eigenlijk is. Een laatste restje dierlijkheid, een vorm van oorspronkelijkheid, een van binnen naar buiten keren – dat is wat er tevoorschijn leek te komen. Vanuit die gedachte is ze in 2013 gestart met de portrettenreeks Geeuw.

Schrijver Bernke Klein Zandvoort raakte op haar beurt geprikkeld door Sistermans’ foto’s en werkt nu aan een essay.

Een fragment:

In de Europese Middeleeuwen was de gaap lange tijd taboe omdat onze geest dan gemakkelijk zou kunnen ontsnappen. Vandaag denken sommige wetenschappers dat we gapen om onze hersenen te koelen. Anderen zeggen dat het eigenlijk een epileptisch fenomeen is, of een sociale regelaar om iedereen min of meer op hetzelfde tijdstip naar bed te krijgen, en ook wordt er beweerd dat we er onbewust erotische signalen mee afgegeven. Wat vaststaat is dat we het allemaal zo’n tien tot vijftien keer per dag doen, dat we elkaar en onze honden ermee aansteken, en dat zelfs foetussen gapen. Voor de rest blijft de gaap iets geheimzinnigs. Het enige wat we kunnen doen is het ondergaan, en er naar kijken. Maar waar kijken we dan naar?

Het zijn beelden van volledige overgave. Fysiek, in de eerste plaats. De gaap is een onbedwingbare opwelling, waarbij het lichaam niet anders kan dan gehoor geven. Met de mond die wijd opengaat, rekt het gezicht op en ontstaan er tegelijkertijd een serie nieuwe plooien rond de dichtgeknepen ogen, rond de neusbrug en in de wangen.

Maar er gebeurt nog iets anders. Iets van grote intimiteit. De wijd geopende mond geeft iets bloot van de gaper. Letterlijk, omdat er vlees te zien is, een binnenste dat normaal verborgen blijft. Maar ook is het gapen verbonden met wat we als een van onze intiemste handelingen beschouwen: ons slapen. De foto’s maken dat je voor een moment in iemands slaapkamer staat. Heel kort wonen we het in slaap vallen ontwaken van een anoniem persoon bij. Hoe intiem is dat?

Maar terwijl de gapers in al hun kwetsbaarheid op de foto zijn gegaan en ik denk dichtbij ze te zijn gekomen, vraag ik me af of er niet eigenlijk het tegenovergestelde is gebeurd. Of de gaper niet eigenlijk is vastgelegd op een moment van diepe afwezigheid. En als ik dan bij mezelf naloop hoe het voelt als je gaapt, dan lijkt het (ook) op een kort niets, een intermezzo, alsof je even niet meer meedoet, niet bestaat. In het donker van de gesloten ogen, is de gaper een moment compleet verdwenen. Waar gaat de gaper heen?